'Een gebouw ouder dan mijn kinderen - en nog niet af'

Woningbouw
Auteur Erik Gathier

4 dagen geleden, Leestijd ca. 3 minuten

Erik Gathier is ontwikkelingsmanager bij gebiedsontwikkelaar AM en betrokken bij de ontwikkeling van o.a. Populus in Rotterdam en Nieuw Rockanje. Gebiedsontwikkelaars bij AM en Heijmans schrijven beurtelings de column Privaat Perspectief.

Gebiedsontwikkeling duurt lang. Erg lang. Iedereen actief in het vak kent wel ontwikkelingen die tien tot wel twintig jaar plannen maken vragen voordat er een schep de grond in gaat. Projecten waar je binnen vijf jaar start zijn eerder uitzondering dan regel. Gebiedsontwikkelingen zijn per definitie complexe opgaven. Met veel stakeholders, belangen en continue (sociaal)economische en beleidstechnische veranderingen. Ik ben er inmiddels aan gewend geraakt, maar toch steekt het af en toe. Bijvoorbeeld op momenten dat de tijd ineens tastbaar wordt.


Ik heb het geluk dat één van de projecten waar ik aan heb gewerkt op een paar honderd meter van mijn huis én werkplek wordt gebouwd en ik dus makkelijk kan gaan kijken. Maar als ik aan mijn kinderen uitleg dat ik ruim acht jaar geleden aan het project ben
begonnen en waarom het zo lang duurde blijft het bizar om te realiseren dat het gebouw dat nog in aanbouw is ouder is dan diezelfde fietsende, rekenende, zwemdiploma-dragende kinderen. Het steekt ook omdat ik terugkijkend op projecten soms denk dat we het in plaats van in acht jaar best in drie jaar hadden kunnen doen. Niet alles is te voorkomen – en dat betekent niet dat alles nodig is. Het steekt echter misschien wel meer omdat er af en toe een gevoel in sluipt dat elke partij aan tafel vanuit het eigen belang werkt en we daarmee het gemeenschappelijke doel én het aanstekelijke enthousiasme dat erbij hoort om daar te komen uit het oog verliezen. Terwijl juist het mét elkaar zoeken naar de beste oplossing, te geven en te nemen, wat mij betreft het leukste is aan het realiseren van gebiedsontwikkelingen.


Misschien juist daarom viel me onlangs weer op hóe leuk het is om met mensen toe te werken naar een gemeenschappelijk doel, ook -of juist- als je elkaar verder niet kent en je nog niet precies weet hoe je bij het doel komt. Samen met een buurtgenoot werk ik al drie jaar aan het opzetten van een moestuinvereniging, waar buurtbewoners een stukje moestuin mogen beheren en zelf aan de slag gaan met het verbouwen van groenten en fruit: deze week werd de vergunning eindelijk onherroepelijk.


Tijd verdwijnt naar de achtergrond als mensen samen ergens voor gaan

De eerste informatieavond die we organiseerden werd deze week bezocht door dolenthousiaste mensen die we nog nooit hadden gezien. Ze deelden hun verhalen en willen met ook voor hen wildvreemde mensen de handen uit de mouwen steken. Mensen uit de buurt die vanuit een gemeenschappelijk doel aan de slag willen gaan met een project waarvan ze nu al weten dat er nog heel veel onvoorziene zaken op het pad komen. Eén van de aanwezigen verwoorde het mooi: ‘het is toch juist gaaf dat we nog niet precies weten hoe we het gaan doen, maar dát we het gaan doen staat vast’. Die zaal met blije gezichten, eigenaarschap en eerlijke verhalen is waar ik het voor doe, en drukte de drie jaar om daar te komen direct naar de achtergrond. Precies dat is wat we in gebiedsontwikkeling nodig hebben.

Gerelateerde Artikelen