
Door Bas Dijkhuizen en Jan Jager
Bertholets vertrek markeert een tijdperk waarin Parkstad zich ontwikkelde van krimpregio, getekend door economische achterstand, tot een nationaal voorbeeld van regionale samenwerking en veerkracht. In de Ontwerp-Nota Ruimte (ONR) omarmt het Rijk Parkstad inmiddels als ‘groeiregio’. Tegelijkertijd kampt de regio nog altijd met concentraties van achterstand, onder meer in Heerlen-Noord, Kerkrade-Oost en Brunssum-Noordoost. Een speciale Parkstadwet moet de toestroom van kwetsbare groepen naar al kwetsbare wijken tegengaan, benadrukt Bertholet. Koersvastheid en consistentie kenmerkten de aanpak van Parkstad in de afgelopen twintig jaar.
Dit artikel staat in de nieuwste editie van ROmagazine, december 2025. ROm is het vakmagazine over ruimtelijke ontwikkeling en de fysieke leefomgeving en digitaal gratis voor ambtenaren en bestuurders-politici in dat beleidsdomein. Voor het papieren magazine berekenen we portkosten op jaarlijkse basis. Neem een abonnement, klik hier.
Een voorbeeld is de wegstreepoperatie, die vanaf de ruimtelijk-economische visie voor Zuid-Limburg (SVREZL) tot het schrappen van bestemmingen in omgevingsplannen meer dan zeven jaar kostte. ‘Parkstad stak veel tijd en energie in iets dat heel belangrijk is, maar zelden urgent — tot het te laat is,’ verklaarde Jacques de Win, adviseur Retailagenda bij het ministerie van Economische Zaken, in ROm november 2024.
Urgentie en draagvlak
Bertholet: ‘Je moet altijd vanuit de inhoud redeneren, niet vanuit politieke standpunten. Als je dat doet, kom je er bijna altijd uit. De sterkste resultaten behaalden we wanneer we thema’s konden depolitiseren. Neem het schrappen van die 3,5 miljoen m² ongewenste retailbestemmingen op werklocaties. Dat was geen populaire maatregel. We hadden urgentie nodig: krimp. Daarmee konden we steeds laten zien dat we elkaar zouden kannibaliseren als we het niet samen deden.’ En: ‘Bij regionale samenwerking is de opstelling van een centrumgemeente cruciaal. Een centrumstad kan vooroplopen, maar moet ook bereid zijn de meerwaarde van samenwerking te zien en kleinere gemeenten een succes gunnen.’
Toch valt volgens Bertholet niet te voorkomen dat bestuurders soms de lokale belangen vooropzetten. ‘Dan moet je stug volhouden, zelfs als het even niet lukt. Uiteindelijk zien bestuurders dat dingen gaan werken. En dan wordt het makkelijker. Succes creëert draagvlak.’
‘Krimp was een nuttig narratief’
Dat de samenwerking succesvol was, blijkt onder meer uit het feit dat Parkstad de enige regio in Nederland is die drie Regio Deals met bijbehorende financiering binnenhaalde. Daarmee werden projecten mogelijk op het gebied van economie, woningbouw, onderwijs en sociale ontwikkeling. Dat bestendigde de steun van de Parkstad-gemeenten — Beekdaelen, Brunssum, Heerlen, Kerkrade, Landgraaf, Simpelveld en Voerendaal — definitief.
Nieuw groeiverhaal
De economische transformatie van Parkstad begon bij de erkenning van de krimprealiteit, maar eindigt er niet bij. ‘Krimp was een nuttig narratief,’ zegt Bertholet. ‘Het gaf urgentie en hielp middelen te mobiliseren. Maar we laten dat verhaal nu bewust los. We hebben een nieuw toekomstverhaal: groei. Voor het eerst in zestig jaar zien we een positief migratiesaldo, meer werkgelegenheid en kennisinstellingen die zich willen vestigen. Dat is een enorme omslag.’
Toch blijft de sociale opgave groot: werkloosheid, armoede en kwetsbare wijken. ‘Dat blijven taaie dossiers,’ erkent Bertholet. ‘We hebben een goede weg ingeslagen, maar de vraag is of we het structureel kunnen volhouden. De Parkstadwet moet helpen de toestroom naar kwetsbare wijken te reguleren. En Regio Deals lopen af, terwijl deze problemen structurele financiering nodig hebben. Dat is een van mijn grootste zorgen: wat als het geld opdroogt?’
Het vertrouwen groeit dat de regio zichzelf economisch kan dragen
Tegelijkertijd groeit het vertrouwen dat de regio zichzelf economisch kan dragen. ‘Als de economie beter draait, kennisinstellingen landen en de corridor Brainport Eindhoven–Parkstad–Aken–Keulen zich verder ontwikkelt, kunnen we op termijn onze eigen ontwikkeling financieren. Maar daar zijn we nog niet.’

De opening van het 'New Regional Bauhaus', een filiaal van de Rheinisch-Westfälische Technische Hogeschool (RWTH), markeerde de start van Heerlen als universiteitsstad. Foto: Stadsregio Parkstad
Economische impuls
Het economisch herstel van Parkstad is mede het resultaat van klassiek economisch beleid: goede locaties ontwikkelen, infrastructuur aanleggen en vertrouwen hebben in de eigen plek. ‘Avantis en Trilandis zijn goede voorbeelden,’ zegt Bertholet. ‘In het begin liep het voor geen meter. Maar na de crisis kwam de groei. Bedrijven ontdekten onze strategische ligging: dicht bij luchthavens, grens en logistieke verbindingen. Dat is geen mazzel; dat is beleid met een lange adem.’
De aanleg van de Buitenring Parkstad bleek een sleutelproject. ‘Die verbeterde de bereikbaarheid van de bedrijventerreinen aan de Duitse grens drastisch. De Buitenring was decennialang onderwerp van discussie, maar maakt nu het verschil. Veel terreinen liggen ineens tien minuten van de A76. Dat schept kansen voor medische logistiek en maakindustrie.’
Parkstad lobbyt al lang voor het doortrekken van de intercity naar Aken. De verbinding Eindhoven–Heerlen–Aken staat inmiddels op de tweede plaats op de lijst van belangrijkste IenW-projecten. ‘Eindhoven kan niet eeuwig ingenieurs uit India en China blijven halen. De dichtstbijzijnde arbeidsmarkt ligt hier, bij de RWTH (Rheinisch-Westfälische Technische Hogeschool) Aken. We bemiddelen tussen Brainport en de RWTH, die sinds kort nauwer samenwerken. Wij zijn een belangrijk bruggenhoofd.’
Autonomie door groei
Parkstad is nog lang niet “af”, benadrukt Bertholet. ‘We hebben groei nodig. Alleen dan krijg je weer positieve businesscases en verdwijnen de onrendabele toppen.’ Daarom werkt de regio aan nieuwe bedrijventerreinen en intensieve samenwerking met het bedrijfsleven. ‘We hebben dankzij de Regio Deal een programmamanager publiek-private samenwerking. Ondernemers zitten vanaf het begin aan tafel.’
Op de grootste ontwikkellocatie van Zuid-Limburg, de Groeve Mourik, kan vanaf 2028 worden gestart. De provincie Limburg is mede-eigenaar geworden, naast Brunssum en voor een klein deel Parkstad. De ruimte wordt selectief toegewezen aan stuwende activiteiten die de regionale economie vooruithelpen. De locatie ligt bovendien dicht bij het NAVO-hoofdkwartier en krijgt daardoor een strategische betekenis.
‘We hebben groei nodig. Alleen dan krijg je weer positieve businesscases’
De schaalsprong van de Parkstad-economie is ook een kwalitatieve. De snelle groei van de medtech-sector illustreert dat. Daarvoor zijn meer hogeropgeleiden nodig — en dus meer woningen. ‘We investeren in kwaliteit, in nieuwbouw en in de particuliere voorraad. Twintig jaar lang is er nauwelijks geïnvesteerd. Dat trekken we nu recht.’
Kennis als motor
De mogelijke komst van de Einstein Telescope en de nabijheid van de Europese supercomputer in Jülich kunnen de regio een extra impuls geven. ‘Sommige bestuurders zeggen: je krijgt nooit twee van zulke megaprojecten naast elkaar. Maar wij zeggen: ze versterken elkaar,’ aldus Bertholet. ‘De rekenkracht in Jülich en de kennisontwikkeling rond de telescoop vormen samen een ecosysteem waar wij van kunnen profiteren.’ Dat gebeurt al, bijvoorbeeld via de Brightlands Smart Services Campus. ‘Een toeleverancier van ASML uit de regio Aken heeft zich bij ons gevestigd,’ vertelt Bertholet. ‘Dat zijn de eerste spin-offs. Maar je moet het wél organiseren.’
Ook kennisinstellingen volgen. De Universiteit Maastricht breidt haar activiteiten uit naar Heerlen, samen met de RWTH Aken en Zuyd Hogeschool. ‘We werken aan een gezamenlijk gebouw in het centrum, met opleidingen rond circulaire bouw en stedelijke transformatie. Binnen tien jaar willen we daar meer dan honderd medewerkers en twaalfhonderd studenten hebben. Daarmee zetten we een historische stap: kennis keert terug naar het hart van de voormalige mijnstreek.’
