De Natuurherstelverordening: buitenkans voor systeemherstel

Herstel de natuur, versterk de leefomgeving

Natuurontwikkeling Omgevingswetgeving Landelijk gebied

Auteur Marieke Bos

22 december 2025 om 22:03, Leestijd ca. 10 minuten


Met rivierverruiming unieke natuur herstellen en tegelijk de rivier veilig en bevaarbaar houden. Met vernatting van agrarische veenweidegebieden biodiversiteit herstellen en klimaatdoelen halen. Met minder chemische druk bestuivers helpen en de productiviteit van gewassen versterken. De nieuwe Europese Natuurherstelverordening (NHV) biedt volop kansen om niet alleen aangetaste ecosystemen te herstellen, maar onze hele leefomgeving te laten bloeien. Dat blijkt uit onderzoek van Wereld Natuur Fonds Nederland (WWF-Nederland), in samenwerking met diverse natuur- en milieuorganisaties. Vier experts lichten de kansen toe.

Laagveengebied bij Tienhoven. Beeld Martin van Lokven/Natuurmonumenten
Dit artikel is gebaseerd op een oproep van WWF-Nederland. Gebaseerd op onderzoek met experts van diverse natuur- en milieuorganisaties. Geschreven door Flows Productions, Marieke Bos.  De experts zijn: Judy Koppenjan (strategisch adviseur WWF-Nederland, coördinator van het NHV-onderzoekl. Hierin is onderzocht wat de NHV eist en welke kansen deze biedt, voor alle ecosystemen); Daphne Willems, rivierecoloog en directeur Bureau Stroming (betrokken bij de analyse voor rivieren & overstromingsgebieden); Wiebe Borren, hydroloog Natuurmonumenten (landbouwecosystemen); Wouter van Steenis, ecoloog Natuurmonumenten (bestuivers).

Op 18 juni 2024 stemden de EU-lidstaten in met de Europese Natuurherstelverordening (NHV). Daarmee maakten zij een historische afspraak om herstelmaatregelen te nemen in álle ecosystemen. Dit is hard nodig, ongeveer 80 procent van de Europese natuur verkeert in slechte staat, in Nederland is dat zelfs 90 procent (Voortgangsrapportage Natuur LVVN, 2024). Funest voor de natuur, maar ook voor onszelf. Ecosysteemdiensten als waterzuivering en bestuiving staan onder druk, met miljarden aan economische schade (ABN AMRO, 2023).

Van bescherming naar herstel

De NHV moet het tij keren. De verordening is sinds 2024 van kracht en in meerdere opzichten vernieuwend. Zij staat boven nationale wetgeving en is daarmee juridisch bindend voor alle EU-lidstaten, vandaar de naam ‘verordening’. De verordening vult de bestaande Vogel- en Habitatrichtlijn (VHR) aan met concrete hersteldoelen en deadlines, voor 2030, 2040 en 2050. EU-lidstaten moeten deze uitwerken in nationale natuurherstelplannen. Daarbij ligt de nadruk op herstel en monitoring van complete ecosystemen, niet alleen op soorten en habitats. De verplichtingen gelden voor beschermde soorten en hun leefgebied (VHR), in beschermde natuurgebieden (Natura 2000) maar ook daarbuiten: in steden, bossen, landbouwgebieden, rivieren en uiterwaarden, mariene gebieden en voor de leefgebieden van bestuivers. Ook vraagt de verordening om synergieën in kaart te brengen met doelen voor klimaat, landbouw en water en om ecosysteemfuncties in stand te houden en te versterken, oftewel koppelkansen benutten.

Nederland moet uiterlijk 1 september 2026 een concept-Natuurherstelplan indienen

Een samenhangende aanpak die natuur, water, klimaat en landbouw als één systeem beschouwt, draagt bij aan de NHV-doelen en versterkt de hele leefomgeving. Beeld: Flows Productions, Vincent de Gooijer

Verbindende schakel

Voor Nederland betekent dit dat het ministerie LVVN uiterlijk 1 september 2026 een concept-Natuurherstelplan met concrete maatregelen moet indienen bij de Europese Commissie. De opgave is fors, blijkt uit een impactstudie (ministerie LVVN, Berenschot en Arcadis, 2024, pagina 15). Voor vrijwel elk ecosysteem zijn extra maatregelen nodig, bovenop bestaand beleid. Dat concludeert ook het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL). Het bureau stelt dat het huidige beleid onvoldoende is om de doelen voor 2030 te halen en dat Nederland de komende jaren fors moet versnellen met drukvermindering en actief herstel (Balans van de Leefomgeving, 2023).

De NHV kan hiervoor zorgen. Judy Koppenjan: ‘Het is dé kans om natuurherstel structureel en toekomstgericht aan te pakken. Met een integrale aanpak voor samenhangende problemen als stikstof, verdroging en versnippering. Een aanpak die natuur, water, klimaat en landbouw als een systeem beschouwt, en tegelijkertijd de leefomgeving gezonder, veiliger en aantrekkelijker maakt.’ Daarmee wordt het ook haalbaar om de schaarse ruimte benutten en beschikbare middelen voor klimaat-, water-, natuur-, landbouwbeleid te bundelen. ‘Deze budgetten kunnen, mits beleidsmatig afgestemd, allemaal bijdragen aan NHV-doelen’, stelt Koppenjan.

Meekoppelen versnelt dus de realisatie, benut de schaarse ruimte en bundelt budgetten. Hoe werkt die synergie in de praktijk? Experts van drie ecosystemen nemen een koppelkans of belangrijke systeemmaatregel van de NHV onder de loep.      

1.   Rivieren & overstromingsgebieden

‘De NHV is een uitgelezen kans om het riviersysteem structureel te herstellen in plaats van per project te repareren’, steekt Daphne Willems van wal. ‘Een goed voorbeeld van zo’n kans is het meergeulenconcept.’ Deze integrale oplossing draagt bij aan het Europese hersteldoel van 25.000 kilometer vrij stromende rivieren.

Koppelkans: meergeulenconcept

Het meergeulenconcept lost meerdere problemen op waarmee het rivierengebied kampt: rivierbodemerosie, verdroging van landbouw en natuur, de zoetwatervoorziening en overstromingsrisico’s. Het concept werkt als volgt. Door de aanleg van een evenwijdige dam, met daar tegenaan een zandig eiland, ontstaan een hoofdgeul en een meestromende nevengeul. Hierdoor neemt de stroomsnelheid in de vaargeul af, wat de bodemerosie afremt.

Tegelijkertijd ontstaat ruimte voor rijke riviernatuur en tijdelijke waterberging. De rivier wordt veiliger, goedkoper in onderhoud én aantrekkelijker voor mens en natuur. Willems: ‘Er ontstaat een prachtige plek waar bezoekers kunnen struinen, fietsen, zwemmen en vogels kijken. De uiterwaarden kunnen weer overstromen, wat moerasnatuur en ooibossen mogelijk maakt. En in de meestromende geulen krijgen soorten als zalm en rivierprik weer een kans.’

 ‘Het meergeulenconcept past perfect in Ruimte voor de Rivier 2.0’

Hoe verzilver je nu deze en andere koppelkansen? Door slim aan te haken bij bestaande richtlijnen, beleid en programma’s, legt Willems uit. Voor rivieren zijn er koppelingen met Ruimte voor de Rivier 2.0, de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW) en de Programmatische Aanpak Grote Wateren (PAGW). ‘Als de PAGW durft te koppelen en budget beschikbaar stelt, dan kan dat een groot verschil maken.’

De timing van het Natuurherstelplan sluit volgens haar goed aan bij de Deltabeslissingen 2026 van het nationale Deltaprogramma, waarin maatregelen kunnen worden meegenomen. ‘Het meergeulenconcept past perfect in Ruimte voor de Rivier 2.0’, zegt Willems. ‘Een “kale langsdam” lijkt misschien een geschikte optie, maar die lost alleen het scheepvaartprobleem op. We hebben in Nederland gewoon geen ruimte voor dit soort sectorale postzegeloplossingen - het moet echt integraal. En we kunnen zóveel beter. In ruim dertig jaar sinds de lancering in 1992 van het concept Levende Rivieren is er zo’n 23.000 hectare riviernatuur hersteld en het integrale programma Ruimte voor de Rivier 1.0 heeft bij elkaar 15.000 hectare nieuwe natuur opgeleverd. Die aanpak moeten we herontdekken en de NHV helpt daarbij.’

 Voor de Midden-Waal (Nijmegen-Tiel) is een principeschets gemaakt voor het meergeulenconcept, dit  levert 85 kilometer stromende rivieren op. Beeld: Stroming, Dirk Oomen

2.  Landbouwecosystemen

Agrarische gebieden vormen een belangrijk leefgebied voor veel soorten. De NHV vraagt om herstel van agrarische biodiversiteit, met doelen voor boerenlandvogels, graslandvlinders, diversiteit van landschapselementen en veengebieden. Vernatting van agrarische veenweidegebieden is een maatregel met interessante koppelkansen.

Koppelkans: hydrologisch herstel overgangsgebieden Natura 2000

Ontwaterde agrarische veengebieden kampen met veenafbraak, met bodemdaling en CO2-uitstoot als gevolg. Idealiter wordt de grondwaterstand verhoogd tot minimaal 20 cm onder maaiveld of hoger, wat bijdraagt aan natuur- en klimaatdoelen. Maar dit is een ingreep die kan conflicteren met het huidige landgebruik. ‘Een goed begin is hydrologisch herstel van overgangsgebieden rond veennatuur in Natura 2000-gebieden,’ vertelt Wiebe Borren. ‘Daar zijn meer kansen voor een natuurlijker peilbeheer. De waterhuishouding in en rond de natuurgebieden herstelt, net als de kwaliteit van de natuur. Tegelijkertijd creëren de natte overgangszones leefgebied voor weidevogels en bestuivers. Deze ingreep levert dus drie keer winst op: voor klimaat, water én biodiversiteit.’

 ‘Hydrologisch herstel van overgangsgebieden rond veennatuur in Natura 2000-gebieden levert winst op voor klimaat, water en biodiversiteit'

Boeren kunnen hierbij in 2026 gebruikmaken van de Samenwerkingsmaatregel in veenweidegebieden en Natura 2000-overgangsgebieden. De regeling kent verschillende categorieën, waaronder ook extensiveren in en rond stikstofgevoelige N2000-gebieden. Extensiveren – oftewel minder vee, minder (kunst)mest – is cruciaal voor duurzaam herstel van landbouwecosystemen. Belangrijke maatregelen naast extensivering zijn pesticidevermindering, kruidenrijk grasland voor weidevogels en bestuivers, en herstel van landschapselementen.

Dit artikel staat in de nieuwste editie van ROmagazine, december 2025. ROm is het vakmagazine over ruimtelijke ontwikkeling en de fysieke leefomgeving en digitaal gratis voor ambtenaren en bestuurders-politici in dat beleidsdomein. Voor het papieren magazine berekenen we  portkosten op jaarlijkse basis. Neem een abonnement.

3.  Bestuivers

Wilde bestuivers, dat zijn dagvlinders, nachtvlinders, zweefvliegen en wilde bijen. Ze zijn onmisbaar voor ecosystemen én voor onze voedselproductie: meer dan 75 procent van de voedselgewassen is afhankelijk van wilde bestuivers. Maar de bestuivers verdwijnen in rap tempo in Nederland, met een afname in soorten en aantallen tussen de 50 en 80 procent. De NHV verplicht lidstaten om de achteruitgang vóór 2030 te stoppen. Een belangrijke systeemmaatregel die ook de voedselzekerheid en gezondheid bevordert, is het verlagen van de chemicaliëndruk.

Systeemmaatregel: chemicaliëndruk drastisch terugdringen

Volgens Wouter van Steenis is het terugdringen van de bestrijdingsmiddelen en andere schadelijke stoffen de belangrijkste systeemknop om de bestuiverspopulaties te versterken. ‘Er worden zoveel giftige stoffen gebruikt die schadelijk zijn voor bestuivers. In de landbouw, de industrie, in onze tuinen, voor onze huisdieren. We weten nu dat deze stoffen overal aanwezig zijn en dat ze heel slecht zijn voor planten en dieren, met name insecten.’ Belangrijke maatregelen zijn het bestrijdingsmiddelengebruik in de landbouw versneld afbouwen en de uitstoot en gebruik van giftige stoffen in de industrie sterk terugdringen. Verder is het zaak om de schadelijke middelen in tuinen en middelen die in de landbouw verboden zijn, overál te verbieden. Ook is landelijke monitoring van bestrijdingsmiddelen en andere giftige stoffen in de natuur nodig.

‘De NHV is dé kans om ons leefmilieu schoon te krijgen’

Niet alleen de bestuivers profiteren hiervan, ook wij mensen. Een gezond bestuiversbestand vergroot de gewasproductie en vermindert de noodzaak van kunstmatige bestuiving. Daardoor wordt ons voedsel gezonder en goedkoper. Van Steenis: ‘En het beschermt onze eigen gezondheid. We moeten ons afvragen: welke schadelijke stoffen willen we eigenlijk toestaan in onze leefomgeving? De NHV helpt daarbij. Het is dé kans om ons leefmilieu schoon te krijgen.’

Natuurherstel: het kan

De natuur en de leefomgeving duurzaam herstellen - de voorbeelden illustreren dat het kan. Het NHV-onderzoek bevat nog veel meer voorbeelden van systeemmaatregelen en koppelkansen, voor álle ecosystemen. Zo zijn met klimaatbuffers zoals in De Onlanden waterberging, natuur en recreatie te verbinden. Met vogelakkers kunnen we bestuivers en natuurlijke plaagbestrijders ondersteunen en het landschap aantrekkelijker maken. En biodivers stadsgroen beschermt tegelijkertijd stadsbewoners tegen hittestress en wateroverlast.

‘Stevige investeringen zijn nodig, maar die zullen zich op de lange termijn ruimschoots terugbetalen’

‘Nu is het moment om de kansen te pakken’, zegt Judy Koppenjan. ‘Met een samenhangend Natuurherstelplan dat beleid verbindt, middelen bundelt en natuurherstel versnelt.’ Stevige investeringen zijn nodig, maar die zullen zich op de lange termijn ruimschoots terugbetalen. De oproep van Koppenjan aan iedereen die aan het Natuurherstelplan werkt of erover beslist luidt daarom: ‘Kijk verder dan 2030 en ga voor duurzaam herstel. Maak daarbij gebruik van de kennis, praktijkervaring en leerzame voorbeeldprojecten uit het NHV-onderzoek om de ecologische én maatschappelijke winst van natuurherstel te realiseren.’ Daphne Willems vult aan: ‘Werk samen, verdiep je in de problemen van andere sectoren en zoek naar integrale oplossingen. Zodat we niet alleen de problemen van vandaag oplossen, maar werken aan een fijne en gezonde leefomgeving die er over vijftig jaar nog staat.’

Natuurherstel rendeert

Duurzaam natuurherstel vraagt om tijdige en stevige investeringen. De maatschappelijke baten zijn echter groter dan de kosten, zo blijkt uit impactonderzoek (ministerie LVVN, Berenschot en Arcadis, 2024). Elke geïnvesteerde euro in de NHV levert volgens deze indicatie gemiddeld € 1,70 aan maatschappelijke waarde op. Natuurherstel een verstandige investering in onze leefomgeving.

Meer weten over de kansen van de Natuurherstelverordening? Bekijk de animatie op flowsproductions.nl/natuurherstel/. Hier zijn ook alle bronnen van het artikel te vinden. 

Gerelateerde Artikelen